dinsdag 31 maart 2015

Oerfenomenen en angst

Johann Wolfgang von Goethe                                                            Spreuk 137
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Direct opmerken van oerfenomenen brengt ons in een soort angsttoestand, wij voelen onze tekortkoming. Enkel weer leven ingeblazen bij het constante spel van de ervaring, verblijden de fenomenen ons.


Das unmittelbare Gewahrwerden der Urphänomene versetzt uns in eine Art von Angst, wir fühlen unsere Unzulänglichkeit; nur durch das ewige Spiel der Empirie belebt erfreuen sie uns.




Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                              bij spreuk 134  tot en met 137



Voor meer over de natuur van de oerfenomenen zij verwezen naar het vergelijkingsmateriaal in boekdeel 34 en 35 van deze uitgave. (Vergelijk GA 1, Dornach 1987.)


Über die Natur des Urphänomens vgl. die Einleitungen zu Bd. 34 und 35 dieser Ausgabe [vgl. GA 1, Dornach 1987].


Audiovisuele weergave spreuk 137




Muziek
Werther - Jules Massenet
Achtergrondinformatie
Opera gebaseerd op de Duitse roman Die Leiden des jungen Werthers van Johann Wolfgang von Goethe

maandag 30 maart 2015

Karakteristieke oerfenomenen

Johann Wolfgang von Goethe                                                            Spreuk 136
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Oerfenomenen:
Ideëel-reëel-symbolisch-identiek
Ideëel, als laatste (her)kenbaar
reëel, als gezien;
symbolisch, omdat het alle gevallen bevat;
identiek, met alle gevallen.



Urphänomen:
Ideal-real-symbolisch-identisch.
Ideal, als das letzte Erkennbare
real, als erkannt;
symbolisch, weil es alle Fälle begreift;
identisch, mit allen Fällen.




Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                  bij spreuk 34 tot en met 37



Voor meer over de natuur van de oerfenomenen zij verwezen naar het vergelijkingsmateriaal in boekdeel 34 en 35 van deze uitgave. (Vergelijk GA 1, Dornach 1987.)


Über die Natur des Urphänomens vgl. die Einleitungen zu Bd. 34 und 35 dieser Ausgabe [vgl. GA 1, Dornach 1987].


Audiovisuele weergave spreuk 136




Muziek
La Damnation de Faust - Hector Berlioz (Met Duitse ondertiteling)

zondag 29 maart 2015

Kernvraagstukken

Johann Wolfgang von Goethe                                                            Spreuk 135
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



We leven met afgeleide fenomenen en weten geenszins hoe we tot kernvraagstukken moeten komen.


Wir leben innerhalb der abgeleiteten Erscheinungen und wissen keineswegs, wie wir zur Urfrage kommen sollen.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                               bij spreuk 134 tot en met 137



Voor meer over de natuur van de oerfenomenen zij verwezen naar het vergelijkingsmateriaal in boekdeel 34 en 35 van deze uitgave. (Vergelijk GA 1, Dornach 1987.)


Über die Natur des Urphänomens vgl. die Einleitungen zu Bd. 34 und 35 dieser Ausgabe [vgl. GA 1, Dornach 1987].


Audiovisuele weergave spreuk 135




Toneelscène

zaterdag 28 maart 2015

Oorspronkelijke condities

Johann Wolfgang von Goethe                                                           Spreuk 134
                                                                         Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Mensen zijn door de oneindige condities van wat tevoorschijn komt, zo overstelpt, dat ze die ene oorspronkelijke conditie niet kunnen gewaarworden.


Die Menschen sind durch die unendlichen Bedingungen des Erscheinens dergestalt obruiert, daß sie das eine Urbedingende nicht gewahren können.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                               bij spreuk 134 tot en met 137



Voor meer over de natuur van de oerfenomenen zij verwezen naar vergelijkingsmateriaal opgenomen in boekdeel 34 en 35 van deze uitgave. (Vergelijk GA 1, Dornach 1987.)


Über die Natur des Urphänomens vgl. die Einleitungen zu Bd. 34 und 35 dieser Ausgabe [vgl. GA 1, Dornach 1987].


Audiovisuele weergave spreuk 134




Toneelscène
Pact tussen Faust en Mefistofeles

maandag 23 maart 2015

Voortgang onderzoek

Johann Wolfgang von Goethe                                                            Spreuk 133
                                                                           Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Toch mag dit ook voordelig zijn, anders liet men het onderzoeken al te vroeg achterwege.


Doch mag dies auch vorteilhaft sein, sonst unterließe man das Forschen allzufrüh.




Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                               bij spreuk 132 tot en met 134



Wie bij de ervaring blijft, kan niets anders doen, dan de gecompliceerde verschijnselen, waarin talrijke krachten werkzaam zijn, te herleiden naar eenvoudige verschijnselen, waarin voor de waarneming de samenwerking van de krachten direct overzichtelijk is. Zulke eenvoudige verschijnselen kunnen verder niet worden verklaard, ze moeten simpelweg in begrippen worden uitgedrukt en als elementaire ervaringen een fundament vormen voor alle verklaringen van de natuur.


Wer innerhalb der Erfahrung stehenbleibt, kann nie mehr tun, als die komplizierten Erscheinungen, in denen eine Mannigfaltigkeit von Kräften tätig ist, in einfache Erscheinungen auflösen, in denen das Zusammenwirken der Kräfte für die Wahrnehmung unmittelbar überschaubar ist. Solche einfache Erscheinungen können nicht weiter erklärt werden; sie müssen einfach in Begriffen ausgedrückt und als Grunderfahrungen aller Erklärung der Natur zu Grunde gelegt werden.


Audiovisuele weergave spreuk 133




Duitse cultuurgeschiedenis
Deutsche Geschichte im British Museum - ZDF

zondag 22 maart 2015

Elementaire ervaringen

Johann Wolfgang von Goethe                                                            Spreuk 132
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Ook verstandige mensen merken niet, terwijl men daarbij tot bedaren moet komen, dat ze dat willen verklaren, wat elementaire ervaringen zijn.


Auch einsichtige Menschen bemerken nicht, daß sie dasjenige erklären wollen, was Grunderfahrungen sind, bei denen man sich beruhigen müßte.



Rudolf Steiner                                                                                   Commentaar
                                                                                bij spreuk 132 tot en met 134



Wie bij de ervaring blijft, kan niets anders doen, dan de gecompliceerde verschijnselen, waarin talrijke krachten werkzaam zijn, te herleiden naar eenvoudige verschijnselen, waarin voor de waarneming de samenwerking van de krachten direct overzichtelijk is. Zulke eenvoudige verschijnselen kunnen verder niet worden verklaard, ze moeten simpelweg in begrippen worden uitgedrukt en als elementaire ervaringen een fundament vormen voor alle verklaringen van de natuur.


Wer innerhalb der Erfahrung stehenbleibt, kann nie mehr tun, als die komplizierten Erscheinungen, in denen eine Mannigfaltigkeit von Kräften tätig ist, in einfache Erscheinungen auflösen, in denen das Zusammenwirken der Kräfte für die Wahrnehmung unmittelbar überschaubar ist. Solche einfache Erscheinungen können nicht weiter erklärt werden; sie müssen einfach in Begriffen ausgedrückt und als Grunderfahrungen aller Erklärung der Natur zu Grunde gelegt werden.


Audiovisuele weergave spreuk 132




Duitse cultuurgeschiedenis
Christopher Clark - Was uns eint - Der lange Weg des Zusammenwachsens - Deutschland-Saga (ZDF; 3/6)

zaterdag 21 maart 2015

Beroep doen op metafysica

Johann Wolfgang von Goethe                                                             Spreuk 131
                                                                           Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



In de natuurwetenschappen kan men over menig probleem niet naar behoren spreken, wanneer men de metafysica niet te hulp roept, maar niet die school- en woordwijsheid: het is datgene, wat voor en na de fysica was, is en zal zijn.


Man kann in den Naturwissenschaften über manche Probleme nicht gehörig sprechen, wenn man die Metaphysik nicht zu Hilfe ruft; aber nicht jene Schul- und Wortweisheit: es ist dasjenige, was vor und nach der Physik war, ist und sein wird.



Rudolf Steiner                                                                                   Commentaar
                                                                                             bij spreuk 130 en 131



Metafysica is voor Goethe de kennis van het in de verschijnselen liggende algemene, niet het onderzoek van een transcendentie, een gene zijde.


Metaphysik ist für Goethe die Kenntnis des in den Erscheinungen liegenden Allgemeinen, nicht die Erforschung eines Transcendentellen, Jenseitigen.


Audiovisuele weergave spreuk 131




Duitse cultuurgeschiedenis
Christopher Clark - Wovon wir schwärmen - Was spricht die Deutschen besonders an? - Deutschland-Saga (ZDF; 2/6)

vrijdag 20 maart 2015

Metafysica van de verschijnselen

Johann Wolfgang von Goethe                                                            Spreuk 130
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Zowel uit het grootste als uit het kleinste (alleen door kunstmatige middelen voor mensen voor de geest te halen) komt de metafysica van de verschijnselen te voorschijn; in het midden ligt het bijzondere, passend bij onze zintuigen, waarop ik ben aangewezen. Daarom loof ik de begaafden echter van harte, omdat die mij die gebieden naderbij brengen.


Aus dem Größten wie aus dem Kleinsten (nur durch künstliche Mittel dem Menschen zu vergegenwärtigen) geht die Metaphysik der Erscheinungen hervor; in der Mitte liegt das Besondere, unsern Sinnen Angemessene, worauf ich angewiesen bin, deshalb aber die Begabten von Herzen segne, die jene Regionen zu mir heranbringen.


Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                           bij spreuk 130 en 131



Metafysica is voor Goethe de kennis van het in de verschijnselen liggende algemene, niet het onderzoek van een transcendentie, een gene zijde.


Metaphysik ist für Goethe die Kenntnis des in den Erscheinungen liegenden Allgemeinen, nicht die Erforschung eines Transcendentellen, Jenseitigen.


Audiovisuele weergave spreuk 130




Duitse cultuurgeschiedenis
Christopher Clark - Woher wir kommen - Die Frage nach unseren Ursprüngen - Deutschland-Saga (ZDF; 1/6)

donderdag 19 maart 2015

Bestaan

Johann Wolfgang von Goethe                                                            Spreuk 129
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Alles wat bestaat is iets wat overeenkomt met al het bestaande; daarom verschijnt het bestaan voor ons tegelijkertijd gescheiden en verenigd. Volgt men de analogie al te zeer, dan is alles gelijk aan elkaar; mijdt men ze, dan valt alles uiteen tot in het oneindige. In beide gevallen loopt de bespiegeling vast, de ene keer als zijnde te levendig, de  andere maal als zijnde gedood.


Jedes Existierende ist ein Analogon alles Existierenden; daher erscheint uns das Dasein immer zu gleicher Zeit gesondert und verknüpft. Folgt man der Analogie zu sehr, so fällt alles identisch zusammen; meidet man sie, so zerstreut sich alles ins Unendliche. In beiden Fällen stagniert die Betrachtung, einmal als überlebendig, das anderemal als getötet.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                                        bij spreuk 129



Een samenvatting van spreuknummer 117 tot en met 128. Omdat bij al het speciale bestaan de algemene natuurwetmatigheid wordt vertegenwoordigd, kan het als analogie van al het bestaande worden opgevat; men moet zich er alleen voor hoeden, enkel de eenheid te zien en de verschillen te vergeten. De eenheid maakt alles identiek, de verschillen lossen alles op in oneindig veel atomen. Het juiste midden tussen beide houden, is een uitdaging voor de menselijke geest.


Zusammenfassung von Nr. 117 - 128. Weil in jedem besonderen Existierenden die allgemeine Naturgesetzmäßigkeit repräsentiert ist, kann es als Analogen alles Existierenden aufgefaßt werden; man muß sich nur hüten, bloß die Einheit zu sehen und die Unterschiede zu vergessen. Die Einheit macht alles identisch; die Unterschiede lösen alles in unendlich viele Atome auf. Die richtige Mitte zwischen beiden zu halten, ist eine Forderung für den Menschengeist.


Audiovisuele weergave spreuk 129




Duitse cultuurgeschiedenis
Christopher Clark - Wonach wir suchen - Land der Dichter und Denker - Deutschland-Saga (ZDF; 4/6)

woensdag 18 maart 2015

Betrekkelijk en toch absoluut

Johann Wolfgang von Goethe                                                            Spreuk 128
                                                                         Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Dat het betrekkelijke tegelijk absoluut is, is onbegrijpelijk, ofschoon we het wel elke dag ervaren.


Daß das Bedingte zugleich unbedingt sei, ist unbegreiflich, ob wir es gleich alle Tage erfahren.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                                      bij spreuk 128


Van het algemene afhankelijk is het bijzondere tegelijk een representant van het  algemene, dus absoluut in die zin.


Das von dem Allgemeinen bedingte Besondere ist zugleich ein Repräsentant des Allgemeinen, also in diesem Sinne unbedingt.


Audiovisuele weergave spreuk 128




Kunstgeschiedenis
Der Kunschtmeyer, Meyers Anteil an Goethes Farbenlehre

dinsdag 17 maart 2015

De natuur en het bijzondere en het algemene

Johann Wolfgang von Goethe                                                            Spreuk 127
                                                                         Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Het bijzondere is eeuwig aan het algemene onderhevig en het algemene heeft zich eeuwig naar het bijzondere te voegen.


Das Besondere unterliegt ewig dem Allgemeinen, das Allgemeine hat ewig sich dem Besondern zu fügen.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                                      bij spreuk 127



In de natuur is het bijzondere onderworpen aan het algemene, omdat het bijzondere door het algemene beheerst wordt. In de menselijke geest moet het algemene zich naar het bijzondere voegen, omdat het algemene alleen aan het bijzondere herkend kan worden.


Das Besondere unterliegt in der Natur dem Allgemeinen, weil es von ihm beherrscht wird, im menschlichen Geiste muß sich das Allgemeine dem Besonderen fügen, weil jenes nur an diesem erkannt werden kann.


Audiovisuele weergave spreuk 127




Documentaire en verfilming
Johann Wolfgang von Goethe en zijn laatste grote liefde: Ulrike von Levetzow - Deel 6

maandag 16 maart 2015

Ware symboliek

Johann Wolfgang von Goethe                                                            Spreuk 126
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Dat is ware symboliek, waar het bijzondere het algemene representeert, niet als droom en schaduw, maar als een levende onmiddellijke openbaring van het ondoorgrondelijke.


Das ist die wahre Symbolik, wo das Besondere das Allgemeinere repräsentiert, nicht als Traum und Schatten, sondern als lebendig augenblickliche Offenbarung des Unerforschlichen.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                               bij spreuk 124 tot en met 127



In de waardevolle bijzondere fenomenen en dingen ziet de mens in de zin van spreuknummer 122 en 123 het algemene, noodzakelijke, natuurwetmatige. Heeft hij zulks gezien, dan zijn voor hem de miljoenen aparte gevallen, waarin het algemene, waarin zich het algemene uitleeft, slechts herhalingen van het ene. Een object dat voor openbaring van het algemene bijzonder geschikt is, is een symbool.


In dem wertvollen besondern Phänomen und Dinge sieht der Mensch im Sinne von Nr. 122 – 123 das Allgemeine, Notwendige, Naturgesetzliche. Hat er ein solches geschaut, so sind ihm die Millionen einzelner Fälle, in denen sich das Allgemeine auslebt, nur Wiederholungen des einen. Ein Objekt, das zur Offenbarung des Allgemeinen besonders geeignet ist, ist ein Symbol.


Audiovisuele weergave spreuk 126




Documentaire en verfilming
Johann Wolfgang von Goethe en zijn laatste grote liefde: Ulrike von Levetzow - Deel 5

zondag 15 maart 2015

Bijzonder algemeen

Johann Wolfgang von Goethe                                                            Spreuk 125
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden


Wat is het algemene?
Het afzonderlijke geval.
Wat is het bijzondere?
Miljoenen gevallen.


Was ist das Allgemeine?
Der einzelne Fall.
Was ist das Besondere?
Millionen Fälle.


Rudolf Steiner                                                                            Commentaar
                                                                         bij spreuk 124 tot en met 127



Bij waardevolle bijzondere fenomenen en dingen ziet de mens in de zin van spreuknummer 122 en 123 het algemene, noodzakelijke, natuurwetmatige. Heeft hij zulks gezien, dan zijn voor hem de miljoenen aparte gevallen, waarin het algemene zich uitleeft, slechts herhalingen van het ene. Een object dat voor openbaring van het algemene bijzonder geschikt is, is een symbool.

In dem wertvollen besondern Phänomen und Dinge sieht der Mensch im Sinne von Nr. 122 – 123 das Allgemeine, Notwendige, Naturgesetzliche. Hat er ein solches geschaut, so sind ihm die Millionen einzelner Fälle, in denen sich das Allgemeine auslebt, nur Wiederholungen des einen. Ein Objekt, das zur Offenbarung des Allgemeinen besonders geeignet ist, ist ein Symbol.



Audiovisuele weergave spreuk 125




Verfilming
Johann Wolfgang von Goethe en zijn laatste grote liefde: Ulrike von Levetzow - Deel 4

zaterdag 14 maart 2015

Geldige algemeenheid

Johann Wolfgang von Goethe                                                            Spreuk 124
                                                                           Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Het algemene en het bijzondere vallen samen, het bijzondere is het algemene, zich onder verschillende omstandigheden vertonend.


Das Allgemeine und Besondere fallen zusammen, das Besondere ist das Allgemeine, unter verschiedenen Bedingungen erscheinend.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                               bij spreuk 124 tot en met 127


Bij waardevolle bijzondere fenomenen en dingen ziet de mens in de zin van spreuknummer 122 en 123 het algemene, noodzakelijke, natuurwetmatige. Heeft hij zulks gezien, dan zijn voor hem de miljoenen aparte gevallen, waarin het algemene zich uitleeft, slechts herhalingen van het ene. Een object dat voor openbaring van het algemene bijzonder geschikt is, is een symbool.


In dem wertvollen besondern Phänomen und Dinge sieht der Mensch im Sinne von Nr. 122 – 123 das Allgemeine, Notwendige, Naturgesetzliche. Hat er ein solches geschaut, so sind ihm die Millionen einzelner Fälle, in denen sich das Allgemeine auslebt, nur Wiederholungen des einen. Ein Objekt, das zur Offenbarung des Allgemeinen besonders geeignet ist, ist ein Symbol.


Audiovisuele weergave spreuk 124




Documentaire en verfilming
Johann Wolfgang von Goethe en zijn laatste grote liefde: Ulrike von Levetzow - Deel 3

vrijdag 13 maart 2015

Trefzeker

Johann Wolfgang von Goethe                                                            Spreuk 123
                                                                           Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Om te begrijpen dat de hemel overal blauw is, hoeft men niet de wereld rond te reizen.


Um zu begreifen, daß der Himmel überall blau ist, braucht man nicht um die Welt zu reisen.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                            bij spreuk 122 en 123



Andere vormen voor spreuk 120. Wie de geestesblik heeft, die gaat aan het aparte juist gekozen verschijnsel een grote wet op. Hij hoeft de wereld niet rond te reizen om alle onder zo’n wet vallend bijzonderheden te leren kennen, om een basisfeit te begrijpen.


Andere Formen für den Spruch 120. Wer den Geistesblick hat, dem geht an der einzelnen richtig gewählten Erscheinung ein großes Gesetz auf. Er braucht nicht um die Welt zu reisen, um alle unter ein solches Gesetz fallenden Einzelheiten kennenzulernen, um eine Grundtatsache zu begreifen.


Audiovisuele weergave spreuk 123




Documentaire en verfilming
Johann Wolfgang von Goethe en zijn laatste grote liefde: Ulrike von Levetzow - Deel 2

donderdag 12 maart 2015

Operationeel waarheidsgevoel

Johann Wolfgang von Goethe                                                    Spreuk 122
                                                                  Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Alles wat wij uitvinden, ontdekken noemen in hogere zin, is het betekenisvol praktiseren, de activiteit van een  origineel waarheidsgevoel, dat in stilte allang ontwikkeld, niet van tevoren gezien, bliksemsnel tot vruchtbaar inzicht leidt. Zich ontwikkelend aan wat van buiten komt, is het een innerlijke openbaring, die een mens zijn godgelijkheid laat vermoeden. Het is een synthese van wereld en geest, welke door de eeuwige harmonie van het bestaan de zaligste verzekering schenkt.


Alles, was wir Erfinden, Entdecken im höheren Sinne nennen, ist die bedeutende Ausübung, Betätigung eines originalen Wahrheitsgefühles, das, im Stillen längst aus gebildet, unversehens mit Blitzesschnelle zu einer fruchtbaren Erkenntnis führt. Es ist eine aus dem Innern am Äußern sich entwickelnde Offenbarung, die den Menschen seine Gottähnlichkeit vorahnen läßt. Es ist eine Synthese von Welt und Geist, welche von der ewigen Harmonie des Daseins die seligste Versicherung gibt.



Rudolf Steiner                                                                               Commentaar
                                                                                        bij spreuk 122 en 123



Andere vormen voor spreuk 120. Wie met de geest kijkt, die gaat aan het aparte juist gekozen verschijnsel een grote wet op. Om een basisfeit te begrijpen hoeft hij niet alle bijzonderheden die onder zo’n wet vallen te leren kennen en daarvoor de wereld rond te reizen.


Andere Formen für den Spruch 120. Wer den Geistesblick hat, dem geht an der einzelnen richtig gewählten Erscheinung ein großes Gesetz auf. Er braucht nicht um die Welt zu reisen, um alle unter ein solches Gesetz fallenden Einzelheiten kennenzulernen, um eine Grundtatsache zu begreifen.


Audiovisuele weergave spreuk 122




Documentaire en verfilming
Johann Wolfgang von Goethe en zijn laatste grote liefde: Ulrike von Levetzow - Deel 1

woensdag 11 maart 2015

Waarde van fenomenen

Johann Wolfgang von Goethe                                                    Spreuk 121
                                                                   Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



De fenomenen zijn niets waard, behalve als ze ons een dieper, rijker inzicht in de natuur garanderen, of wanneer ze nuttig voor ons zijn.


Die Phänomene sind nichts wert, als wenn sie uns eine tiefere, reichere Einsicht in die Natur gewähren, oder wenn sie uns zum Nutzen anzuwenden sind.



Rudolf Steiner                                                                           Commentaar
                                                                                                  bij spreuk 121



Alleen die fenomenen zijn waardevol, welke in de zin van spreuknummer 117 tot en met 120 toepasbaar zijn, dat wil zeggen waaraan met geestesogen een wetmatigheid van de natuur wordt waargenomen.


Wertvolle Phänomene sind nur die, welche im Sinne von Nr. 117 - 120 anzuwenden sind, d.h. an denen mit Geistesaugen eine Gesetzmäßigkeit der Natur wahrgenommen wird.


Audiovisuele weergave spreuk 121




Lezing
Goethe's Theory of Colours - Part 4

dinsdag 10 maart 2015

Experiment

Johann Wolfgang von Goethe                                                    Spreuk 120
                                                                  Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Men verft twee staafjes, de ene rood en de andere blauw, men zet ze naast elkaar in het water en de een zal zoals de andere gebroken toeschijnen. Ieder kan dit eenvoudige experiment met zijn eigen ogen waarnemen, wie het met geestesogen bekijkt, zal van duizenden verkeerde tekstpassages bevrijd zijn.


Man streiche zwei Stäbchen einen rot an, den andern blau; man bringe sie nebeneinander ins Wasser und einer wird gebrochen erscheinen wie der  andere. Jeder kann dieses einfache Experiment mit den Augen des Leibes erblicken; wer es mit Geistesaugen beschaut, wird von tausend und aber tausend irrtümlichen Paragraphen befreit sein.



Rudolf Steiner                                                                           Commentaar
                                                                        bij spreuk 117 tot en met 120



Op de waarneming van het noodzakelijke, het wezenlijke in de verschijnselen berust alle kennis. Wie enkel bemerkt wat de zintuigen hem bieden, die komt niet tot kennis. De geest, het geestesoog, dat de verschijnselen beoordeelt, de ene als maatgevend en de ander voor onwezenlijk houdt, is de bron van al het inzicht. Toen Galilei met geestesogen een zwaaiende kerklamp zag en doorzag, dat zich vanuit dit verschijnsel een hele reeks andere laat belichten, was daarmee op kennisgebied een belangrijke stap vooruit gezet.


Auf der Wahrnehmung des Notwendigen, Wesentlichen in den Erscheinungen beruht alle Erkenntnis. Wer bloß beobachtet, was ihm die Sinne darbieten, der gelangt zu keiner Erkenntnis. Der Geist, das Geistesauge, das die Erscheinungen bewertet, die eine als maßgebend, die andere als unwesentlich ansieht, ist der Quell des Erkennens. Als Galilei mit Geistesaugen eine schwingende Kirchenlampe sah und erkannte, daß sich von dieser Erscheinung aus eine ganze Reihe anderer beleuchten lassen, war ein wichtiger Fortschritt der Erkenntnis geschehen.


Audiovisuele weergave spreuk 120




Lezing
Goethe's Theory of Colours - Part 3

maandag 9 maart 2015

Uitvindingen en ontdekkingen

Johann Wolfgang von Goethe                                                            Spreuk 119
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Heel veel kan allang uitgevonden, ontdekt zijn, en geen uitwerking op de wereld hebben; het kan werken en toch niet opgemerkt worden; werken en in algemene zin geen impact hebben: vandaar dat iedere uitvinding met haar geschiedenis met de wonderlijkste raadselen is omgeven.


Gar vieles kann lange erfunden, entdeckt sein, und es wirkt nicht auf die  Welt; es kann wirken und doch nicht bemerkt werden; wirken und nicht ins Allgemeine greifen: deswegen jede Geschichte der Erfindungen sich mit den wunderbarsten Rätseln herumschlägt.




Rudolf Steiner                                                                                   Commentaar
                                                                                 bij spreuk 117 tot en met 120



Op de waarneming van het noodzakelijke, het wezenlijke in de verschijnselen berust alle kennis. Wie enkel bemerkt wat de zintuigen hem bieden, die komt niet tot kennis. De geest, het geestesoog, dat de verschijnselen beoordeelt, de ene als maatgevend en de ander voor onwezenlijk houdt, is de bron van al het inzicht. Toen Galilei met geestesogen een zwaaiende kerklamp zag en doorzag, dat zich vanuit dit verschijnsel een hele reeks andere laat belichten, was daarmee op kennisgebied een belangrijke stap vooruit gezet.


Auf der Wahrnehmung des Notwendigen, Wesentlichen in den Erscheinungen beruht alle Erkenntnis. Wer bloß beobachtet, was ihm die Sinne darbieten, der gelangt zu keiner Erkenntnis. Der Geist, das Geistesauge, das die Erscheinungen bewertet, die eine als maßgebend, die andere als unwesentlich ansieht, ist der Quell des Erkennens. Als Galilei mit Geistesaugen eine schwingende Kirchenlampe sah und erkannte, daß sich von dieser Erscheinung aus eine ganze Reihe anderer beleuchten lassen, war ein wichtiger Fortschritt der Erkenntnis geschehen.


Audiovisuele weergave spreuk 119




Lezing
Goethe's Theory of Colours - Part 2

zondag 8 maart 2015

Principe van de kleurschakering

Johann Wolfgang von Goethe                                                            Spreuk 118
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Wie voor het eerst uit de samentrekking en ontspanning van het hart, waarnaar het netvlies van het oog is gevormd, uit deze verbinding (Synkrisis) en scheiding (Diakrisis), om met Plato te spreken, de kleurenharmonie ontwikkelde, die heeft het principe van de kleurschakering ontdekt.


Wer zuerst aus der Systole und Diastole, zu der die Retina gebildet ist, aus dieser Synkrisis und Diakrisis, mit Plato zu sprechen, die Farbenharmonie entwickelte, der hat die Prinzipien des Kolorits entdeckt.




Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                bij spreuk 117 tot en met 120



Op de waarneming van het noodzakelijke, het wezenlijke in de verschijnselen berust alle kennis. Wie enkel bemerkt wat de zintuigen hem bieden, die komt niet tot kennis. De geest, het geestesoog, dat de verschijnselen beoordeelt, de ene als maatgevend en de ander voor onwezenlijk houdt, is de bron van al het inzicht. Toen Galilei met geestesogen een zwaaiende kerklamp zag en doorzag, dat zich vanuit dit verschijnsel een hele reeks andere laat belichten, was daarmee op kennisgebied een belangrijke stap vooruit gezet.


Auf der Wahrnehmung des Notwendigen, Wesentlichen in den Erscheinungen beruht alle Erkenntnis. Wer bloß beobachtet, was ihm die Sinne darbieten, der gelangt zu keiner Erkenntnis. Der Geist, das Geistesauge, das die Erscheinungen bewertet, die eine als maßgebend, die andere als unwesentlich ansieht, ist der Quell des Erkennens. Als Galilei mit Geistesaugen eine schwingende Kirchenlampe sah und erkannte, daß sich von dieser Erscheinung aus eine ganze Reihe anderer beleuchten lassen, war ein wichtiger Fortschritt der Erkenntnis geschehen.


Audiovisuele weergave spreuk 118




Lezing
Goethe's Theory of Colours - Part 1

Overzicht van alle blogberichten op Sprüche in Prosa

2015

Spreuk 158 – Levende eenheid – 14 mei 2015

Spreuk 157 – Heuristiek – 12 mei 2015

Spreuk 156 – Illusoire inkapseling – 7 mei 2015

Spreuk 155 – Verstommen – 4 mei 2015

Spreuk 154 – Skelet en eeuwige rede – 2 mei 2015

Spreuk 153 – Geognosie en verbeeldingskracht - 30 april 2015

Spreuk 152 – Creatief omwerken – 28 april 2015

Spreuk 151 – Onderscheiden van rede en verstand – 25 april 2015

Spreuk 150 – Algemene oorzaken – 18 april 2015

Spreuk 149 – Eenvoud – 16 april 2015

Spreuk 148 – Ondeelbaar fenomeen – 15 april 2015

Spreuk 147 – Geschiedkundige methode – 13 april 2015

Spreuk 146 – Mechaniseren – 12 april 2015

Spreuk 145 – Tezamen gedacht – 11 april 2015

Spreuk 144 – Symptoom en kwaal – 9 april 2015

Spreuk 143 – Werking en oorzaak – 8 april 2015

Spreuk 142 – Nadelen bij vragen over oorzakelijkheid – 6 april 2015

Spreuk 141 – Causaliteitsdenken – 5 april 2015

Spreuk 140 - Nabijgelegen fenomenen en hardleersheid – 4 april 2015

Spreuk 139 – Fenomenen gewaarworden – 3 april 2015

Spreuk 138 – Mensheidsformaat of kleingeestigheid – 2 april 2015

Spreuk 137 – Oerfenomenen en angst – 31 maart 2015

Spreuk 136 – Karakteristieke oerfenomenen – 30 maart 2015

Spreuk 135 – Kernvraagstukken – 29 maart 2015

Spreuk 134 – Oorspronkelijke condities – 28 maart 2015

Spreuk 133 – Voortgang onderzoek – 23 maart 2015

Spreuk 132 – Elementaire ervaringen – 22 maart 2015

Spreuk 131 – Beroep doen op metafysica – 21 maart 2015

Spreuk 130 – Metafysica van de verschijnselen – 20 maart 2015

Spreuk 129 – Bestaan – 19 maart 2015

Spreuk 128 – Betrekkelijk en toch absoluut – 18 maart 2015

Spreuk 127 – De natuur en het bijzondere en het algemene – 17 maart 2015

Spreuk 126 – Ware symboliek – 16 maart 2015

Spreuk 125 – Bijzonder algemeen – 15 maart 2015

Spreuk 124 – Geldige algemeenheid – 14 maart 2015

Spreuk 123 – Trefzeker – 13 maart 2015

Spreuk 122 – Operationeel waarheidsgevoel – 12 maart 2015

Spreuk 121 – Waarde van fenomenen – 11 maart 215

Spreuk 120 – Experiment – 10 maart 2015

Spreuk 119 – Uitvindingen en ontdekkingen – 9 maart 2015

Spreuk 118 – Principe van de kleurschakering – 8 maart 2015

Spreuk 117 – Werkende beginselen – 25 februari 2015

Spreuk 116 – Deelverklaring – 24 februari 2015

Spreuk 115 – Van weten naar wetenschap – 23 februari 2015

Spreuk 114 – Groeiende twijfel – 22 februari 2015

Spreuk 113 – Waarachtig en leugenachtig – 21 februari 2015

Spreuk 112 – Wetenschappelijke zekerheid – 20 februari 2015

Spreuk 111 – Spinozisme versus machiavellisme – 19 februari 2015

Spreuk 110 – Enthousiast overdenken – 18 februari 2015

Spreuk 109 – Consequenties – 17 februari 2015

Spreuk 108 – Praktijk en mensenverstand – 16 februari 2015

Spreuk 107 – Filosofie en mensenverstand – 15 februari 2015

Spreuk 106 – Kritiek van het mensenverstand – 14 februari 2015

Spreuk 105 – Algemeen verstand – 13 februari 2015

Spreuk 104 – Genius – 12 februari 2015

Spreuk 103 – Markant – 11 februari 2015

Spreuk 102 – Onderscheid en verstand – 10 februari 2015

Spreuk 101 – Uit elkaar houden en invoegen – 9 februari 2015

Spreuk 100 – Poëzie van het genie – 8 februari 2015

Spreuk 99 – Uiterlijk en innerlijk – 7 februari 2015

Spreuk 98 – Gewoon bekijken en zuiver aanschouwen – 6 februari 2015

Spreuk 97 – Zuiver opvatten en recht doen – 5 februari 2015

Spreuk 96 – Vruchtbare beschouwingswijze – 4 februari 2015

Spreuk 95 – Geen mythologie en legenden in de wetenschap – 3 februari 2015

Spreuk 94 – Twee klippen – 2 februari 2015

Spreuk 93 – Niet op slot gooien – 1 februari 2015

Spreuk 92 – Analogie met goed gezelschap – 31 januari 2015

Spreuk 91 – Inductie – 30 januari 2015

Spreuk 90 – Voortschrijden – 29 januari 2015

Spreuk 89 – Axioma enthymeem – 28 januari 2015

Spreuk 88 – Ongeluk – 27 januari 2015

Spreuk 87 – Herleiden en relateren – 26 januari 2015

Spreuk 86 – Eenvoud – 25 januari 2015

Spreuk 85 – Strategie – 24 januari 2015

Spreuk 84 – Probleem onderkennen – 23 januari 2015

Spreuk 83 – Miniaturen – 22 januari 2015

Spreuk 82 – Leemten – 21 januari 2015

Spreuk 81 – Afstemmen – 20 januari 2015

Spreuk 80 – Zekere koers met open blik – 19 januari 2015

Spreuk 79 – Bekopen en losraken – 18 januari 2015

Spreuk 78 – Feedback – 17 januari 2015

Spreuk 77 – Diepgang – 16 januari 2015

Spreuk 76 – Gelijke bron – 15 januari 2015

Spreuk 75 – Speelruimte voor vergissingen – 14 januari 2015

Spreuk 74 – Onwillig mopperen – 13 januari 2015

Spreuk 73 – Direct benutten – 12 januari 2015

Spreuk 72 – Voortreffelijkheid – 11 januari 2015

Spreuk 71 – Ware wijsheid – 10 januari 2015

Spreuk 70 – Wakker ontwaken – 9 januari 2015

Spreuk 69 – Achterhalen – 8 januari 2015

Spreuk 68 – Bestendigen – 7 januari 2015

Spreuk 67 – Aanmatiging matigen – 6 januari 2015

Spreuk 66 – Geholpen worden of verward raken – 5 januari 2015

Spreuk 65 – Binnensluipen en afweren – 4 januari 2015

Spreuk 64 – Onjuiste voorstelling van zaken – 3 januari 2015

Spreuk 63 – Vasthouden of loslaten – 2 januari 2015

Spreuk 62 – Goede voornemens – 1 januari 2015

2014

Spreuk 61 – Geen idee – 31 december 2014

Spreuk 60 - Realiteitszin, aannamen en hersenschimmen – 30 december 2014

Spreuk 59 – Guitig opgestelde hypothesen – 29 december 2014

Spreuk 58 – Rijzende problemen – 28 december 2014

Spreuk 57 – Hypothesen als loopplanken – 27 december 2014

Spreuk 56 – Wirwar – 26 december 2014

Spreuk 55 - Vitterige waarnemers en grillige theoretici – 25 december 2014

Spreuk 54 – Abstraheren en concretiseren – 24 december 2014

Spreuk 53 – Nut van theorieën – 23 december 2014

Spreuk 52 – Nietszeggende gemiddelden – 22 december 2014

Spreuk 51 – Zuivere ervaring – 21 december 2014

Spreuk 50 – Productieve kracht laten gelden – 20 december 2014

Spreuk 49 – Onverloochenbaar – 19 december 2014

Spreuk 48 – Eigenheid – 18 december 2014

Spreuk 47 – Januskop – 17 december 2014

Spreuk 46 – Dialectiek – 16 december 2014

Spreuk 45 – Terminologie in verhouding tot fenomenen – 15 december 2014

Spreuk 44 – In het oog vatten en doordenken – 14 december 2014

Spreuk 43 – Taalworstelingen – 13 december 2014

Spreuk 42 – Bemoeienis – 12 december 2014

Spreuk 41 – Zelfeducatie en ondersteuning – 11 december 2014

Spreuk 40 – Transparantie – 10 december 2014

Spreuk 39 – Maximes helder bezien – 9 december 2014

Spreuk 38 – Omstreden raken – 8 december 2014

Spreuk 37 – Zwart op wit – 7 december 2014

Spreuk 36 - Gehoorbereik – 6 december 2014

Spreuk 35 – Onbegrip 5 december 2014

Spreuk 34 – Vermeend weerleggen – 4 december 2014

Spreuk 33 – Gezindheden – 3 december 2014

Spreuk 32 – Leer van Newton – 2 december 2014

Spreuk 31 – Onenigheid en problemen – 1 december 2014

Spreuk 30 – Gekante meningen – 30 november 2014

Spreuk 29 – Probleemstelling en twistappels – 29 november 2014

Spreuk 28 – Stokken en stilstaan – 28 november 2014

Spreuk 27 – Verstaanbaarheid – 27 november 2014

Spreuk 26 – Inlevingsvermogen – 26 november 2014

Spreuk 25 – Glad ijs – 25 november 2014

Spreuk 24 – Vrije val en botsing – 24 november 2014

Spreuk 23 – Antropomorfisme inherent aan menselijke natuur – 23 november 2014

Spreuk 22 – Wie of wat spreekt zich uit? – 22 november 2014

Spreuk 21 – Gelijke onderkent gelijke – 21 november 2014

Spreuk 20 – Uitgangspunt bij menselijke waarheden – 20 november 2014

Spreuk 19 – Menselijke voorstellingswijze en menselijke waarheid – 19 november 2014

Spreuk 18 – Ja en nee uit de mond van de natuur – 18 november 2014

Spreuk 17 – Verstand en hulpmiddelen – 17 november 2014

Spreuk 16 – Vrije focus – 16 november 2014

Spreuk 15 – Het onbeschrijfbare beschrijven – 15 november 2014

Spreuk 14 – Berekening en experiment – 14 november 2014

Spreuk 13 – Mens en moderne fysica – 13 november 2014

Spreuk 12 – Tolk van het verstand – 12 november 2014

Spreuk 11 – Zintuiglijke ervaringen en geestelijke vermogens – 11 november 2014

Spreuk 10 – Perspectivische wetten – 10 november 2014

Spreuk 9 – Blikrichting en corresponderende hoek – 9 november 2014

Spreuk 8 – Verschilzicht en positieverandering – 8 november 2014

Spreuk 7 – Gezichtsvermogen – 7 november 2014

Spreuk 6 – Vergelijken – 6 november 2014

Spreuk 5 – Aan- en indachtigheid – 5 november 2014

Spreuk 4 – Bedrieglijk oordeel – 4 november 2014

Spreuk 3 – Betrouwbare zintuigen – 3 november 2014

Spreuk 2 – Menselijke wijsheid – 2 november 2014

Spreuk 1 - Kenverhoudingen - 1 november 2014

Inleiding en verantwoording van Rudolf Steiner – 1 november 2014

Introductie en verantwoording – 1 november 2014