zondag 30 november 2014

Gekante meningen

Johann Wolfgang von Goethe                                                              Spreuk 30
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Wanneer iemand mij weerlegt, dan bedenkt hij niet, dat hij alleen een mening tegenover de mijne plaatst; daarmee is nog niets gedaan. Een derde heeft echt het recht en zo tot in het oneindige.


Wenn jemand mich widerlegt, so bedenkt er nicht, daß er nur eine Ansicht der meinigen entgegen aufstellt; dadurch ist ja noch nichts ausgemacht. Ein Dritter hat eben das Recht und so ins Unendliche fort.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                   bij spreuk 27 tot en met 45



De door mensen verworven waarheden zijn in hun fijnere vertakkingen en in de gevoelsnuances, waarmee ze worden begeleid, zo intiem en individueel, dat ze naar hun volle inhoud, door een tweede niet totaal begrepen kunnen worden. Men kan eigenlijk alleen zichzelf echt begrijpen. In een discussie sluiten de voorstellingen die twee mensen met één en hetzelfde woord verbinden nooit naadloos bij elkaar aan.


Die von dem Menschen gewonnenen Wahrheiten sind in ihren feineren Verzweigungen und in den Gefühlsnuancen, von denen sie be gleitet werden, so intim und individuell, daß sie, ihrem vollen Gehalte nach, von einem zweiten nicht restlos erfaßt werden können. Man kann eigentlich immer nur sich selbst richtig verstehen. In der Diskussion dekken sich niemals genau die Vorstellungen, die zwei Menschen mit einem und demselben Worte verbinden.


Audiovisuele weergave spreuk 30




Muziek
Schäfers Klagelied  - Johann Friedrich Reichardt
Gedicht
Schäfers Klagelied - Johann Wolfgang von Goethe

zaterdag 29 november 2014

Probleemstelling en twistappels

Johann Wolfgang von Goethe                                                               Spreuk 29
                                                                       Uit hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Alle individuen, en hun scholen wanneer ze capabel zijn en op anderen inwerken, zien het problematische in de wetenschappen als iets waarvoor en waartegen men moet strijden, zeker als er een andere groep van gelijkgezinden zou zijn, terwijl een wetenschappelijke opstelling een oplossing, onderzoek of overzicht van onverenigbare antinomieën vereist. In dit geval is het Aguilonius.


Alle Individuen und, wenn sie tüchtig sind und auf andere wirken, ihre Schulen sehen das Problematische in den Wissenschaften als etwas an, wofür oder wogegen man streiten soll, eben als wenn es eine andere Lebenspartei wäre, anstatt daß das Wissenschaftliche eine Auflösung, Ausgleichung oder eine Aufstellung unausgleichbarer Antinomien fordert. In diesem Falle ist Aguilonius.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                    bij spreuk 27 tot en met 45



De door mensen verworven waarheden zijn in hun fijnere vertakkingen en in de gevoelsnuances, waarmee ze worden begeleid, zo intiem en individueel, dat ze naar hun volle inhoud, door een tweede niet totaal begrepen kunnen worden. Men kan eigenlijk alleen zichzelf echt begrijpen. In een discussie sluiten de voorstellingen die twee mensen met één en hetzelfde woord verbinden nooit naadloos bij elkaar aan.


Die von dem Menschen gewonnenen Wahrheiten sind in ihren feineren Verzweigungen und in den Gefühlsnuancen, von denen sie be gleitet werden, so intim und individuell, daß sie, ihrem vollen Gehalte nach, von einem zweiten nicht restlos erfaßt werden können. Man kann eigentlich immer nur sich selbst richtig verstehen. In der Diskussion dekken sich niemals genau die Vorstellungen, die zwei Menschen mit einem und demselben Worte verbinden.


Audiovisuele weergave spreuk 29




Muziek
Nähe des Geliebten - Franz Schubert
Gedicht
Nähe des Geliebten - Johann Wolfgang von Goethe

vrijdag 28 november 2014

Stokken en stilstaan

Johann Wolfgang von Goethe                                                              Spreuk 28
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Eigenlijk weet men dat wat men weet, alleen voor zichzelf. Spreek ik met een ander over dat, wat ik geloof te weten, onmiddellijk gelooft hij het dan beter te weten, en moet ik me met mijn kennis steeds weer in mezelf terugtrekken.
Wat ik echt weet, weet ik alleen zelf; een uitgesproken woord helpt zelden, het spoort meestal aan tot tegenspraak, stokken en stilstaan.


Man weiß eigentlich das, was man weiß, nur für sich selbst. Spreche ich mit einem andern von dem, was ich zu wissen glaube, unmittelbar glaubt er's besser zu wissen, und ich muß mit meinem Wissen immer wieder in mich selbst zurückkehren. Was ich recht weiß, weiß ich nur mir selbst; ein ausgesprochenes Wort fördert selten, es erregt meistens Widerspruch, Stocken und Stillstehen.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                   bij spreuk 27 tot en met 45



De door mensen verworven waarheden zijn in hun fijnere vertakkingen en in de gevoelsnuances, waarmee ze worden begeleid, zo intiem en individueel, dat ze naar hun volle inhoud, door een tweede niet totaal begrepen kunnen worden. Men kan eigenlijk alleen zichzelf echt begrijpen. In een discussie sluiten de voorstellingen die twee mensen met één en hetzelfde woord verbinden nooit naadloos bij elkaar aan.


Die von dem Menschen gewonnenen Wahrheiten sind in ihren feineren Verzweigungen und in den Gefühlsnuancen, von denen sie be gleitet werden, so intim und individuell, daß sie, ihrem vollen Gehalte nach, von einem zweiten nicht restlos erfaßt werden können. Man kann eigentlich immer nur sich selbst richtig verstehen. In der Diskussion dekken sich niemals genau die Vorstellungen, die zwei Menschen mit einem und demselben Worte verbinden.


Audiovisuele weergave spreuk 28




Muziek
Wer sich der Einsamkeit ergibt - Franz Schubert

donderdag 27 november 2014

Verstaanbaarheid

Johann Wolfgang von Goethe                                                              Spreuk 27
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Ieder mens ziet de rijpe en geordende, ontwikkelde en complete wereld toch slechts als een  element, waaruit hij een bijzondere, hem gepaste wereld tracht te scheppen. Flinke mensen gaan er zonder bedenken toe over en proberen daarmee, zoals het wil gaan, te baren; anderen draaien er omheen; enige twijfelen zelfs aan haar bestaan.
Wie zich echt doordrongen voelde van deze fundamentele waarheid, zou met niemand strijden, maar de voorstellingswijze van de ander zoals die van zichzelf als een fenomeen beschouwen. Want bijna dagelijks ervaren wij, dat de een met gemak denkt, wat voor een ander onmogelijk te denken valt, en wel niet ongeveer over dingen, die enkel op het wel en wee ook maar enigszins invloed hadden, maar over dingen die ons volledig om het even zijn.



Ein jeder Mensch sieht die fertige und geregelte, gebildete, vollkommene Welt doch nur als ein Element an, woraus er sich eine besondere, ihm angemessene Welt zu erschaffen bemüht ist. Tüchtige Menschen ergreifen sie ohne Bedenken und suchen damit, wie es gehen will, zu gebaren; andere zaudern an ihr herum; einige zweifeln sogar an ihrem Dasein. Wer sich von dieser Grundwahrheit recht durchdrungen fühlte, würde mit niemandem streiten, sondern nur die Vorstellungsart eines andern wie seine eigne als ein Phänomen betrachten. Denn wir erfahren fast täglich, daß der eine mit Bequemlichkeit denken mag, was dem andern zu denken unmöglich ist, und zwar nicht etwa in Dingen, die auf Wohl und Wehe nur irgend einen Einfluß hätten, sondern in Dingen, die für uns völlig gleichgültig sind.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                   bij spreuk 27 tot en met 45



De door mensen verworven waarheden zijn in hun fijnere vertakkingen en in de gevoelsnuances, waarmee ze worden begeleid, zo intiem en individueel, dat ze naar hun volle inhoud, door een tweede niet totaal begrepen kunnen worden. Men kan eigenlijk alleen zichzelf echt begrijpen. In een discussie sluiten de voorstellingen die twee mensen met één en hetzelfde woord verbinden nooit naadloos bij elkaar aan.


Die von dem Menschen gewonnenen Wahrheiten sind in ihren feineren Verzweigungen und in den Gefühlsnuancen, von denen sie be gleitet werden, so intim und individuell, daß sie, ihrem vollen Gehalte nach, von einem zweiten nicht restlos erfaßt werden können. Man kann eigentlich immer nur sich selbst richtig verstehen. In der Diskussion dekken sich niemals genau die Vorstellungen, die zwei Menschen mit einem und demselben Worte verbinden.


Audiovisuele weergave spreuk 27




Muziek
Nur wer die Sehnsucht kennt - Pyotr Illyich Tchaikovsky
Gedicht
Nur wer die Sehnsucht kennt - Johann Wolfgang von Goethe

woensdag 26 november 2014

Inlevingsvermogen

Johann Wolfgang von Goethe                                                              Spreuk 26
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Weet de mus dan, hoe het de ooievaar te moede is?


Weiß denn der Sperling, wie’s dem Storch zu Mute sei?



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                       Spreuk 23 tot en met 26



Alle verklaring van de natuur berust daarop, dat wat de mens aan zichzelf ervaart in de voorwerpen wordt gelegd. Zelfs de eenvoudigste verschijnselen worden langs die weg verklaard. Als wij de botsing van twee lichamen uitleggen, dan gebeurt dat zo dat wij ons voorstellen dat het ene lichaam op het andere net zo’n werking uitoefent, zoals wij dat doen als wij tegen een lichaam aanstoten. Godsvoorstelling is menselijke denk- en handelswijzen naar de totale natuur verplaatsen. Antropomorfisch is dus alle uitleg. De mus kan de ooievaar slechts vanuit de zienswijze van een mus beoordelen.


Alle Erklärung der Natur besteht darin, daß Erfahrungen, die der Mensch an sich selbst macht, in den Gegenstand hineingedeutet werden. Selbst die einfachsten Erscheinungen werden auf diese Weise erklärt. Wenn wir den Stoß zweier Körper erklären, so geschieht das dadurch, daß wir uns vorstellen, der eine Körper übe auf den andern eine ähnliche Wirkung, wie wir selbst, wenn wir einen Körper stoßen. Die Gottesvorstellung ist das Hineindeuten menschlicher Denk- und Handlungsweisen in die ganze Natur. Alle Erklärung ist also anthropomorphisch. Der Sperling kann den Storch nur vom Sperlingsstandpunkt aus beurteilen.


Audiovisuele weergave spreuk 26




Muziek
Erlkönig - Franz Schubert

dinsdag 25 november 2014

Glad ijs

Johann Wolfgang von Goethe                                                              Spreuk 25
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Hoe zou het zijn als men langs die lijn het schaatsen als vergelijking bij de kop pakte? Waar bij het voorwaarts gaan de achterliggende voet er bij komt, terwijl die tegelijk de taak overneemt, nog zo’n haal naar voren te geven, en dat zijn dan momenteel achterliggende is voorbestemd, zich ook weer een tijdlang voorwaarts te bewegen.


Wie wäre es, wenn man auf demselben Wege den Vergleich von dem Schrittschuhfahren hernähme? wo das Vorwärtsdringen dem zurückbleibenden Fuße zukommt, indem er zugleich die Obliegenheit übernimmt, noch eine solche Anregung zu geben, daß sein nunmehriger Hintermann auch wieder eine Zeitlang sich vorwärts zu bewegen die Bestimmung erhält.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                  bij spreuk 23 tot en met 26



Alle verklaring van de natuur berust daarop, dat wat de mens aan zichzelf ervaart in de voorwerpen wordt gelegd. Zelfs de eenvoudigste verschijnselen worden langs die weg verklaard. Als wij de botsing van twee lichamen uitleggen, dan gebeurt dat zo dat wij ons voorstellen dat het ene lichaam op het andere net zo’n werking uitoefent, zoals wij dat doen als wij tegen een lichaam aanstoten. Godsvoorstelling is menselijke denk- en handelswijzen naar de totale natuur verplaatsen. Antropomorfisch is dus alle uitleg. De mus kan de ooievaar slechts vanuit de zienswijze van een mus beoordelen.


Alle Erklärung der Natur besteht darin, daß Erfahrungen, die der Mensch an sich selbst macht, in den Gegenstand hineingedeutet werden. Selbst die einfachsten Erscheinungen werden auf diese Weise erklärt. Wenn wir den Stoß zweier Körper erklären, so geschieht das dadurch, daß wir uns vorstellen, der eine Körper übe auf den andern eine ähnliche Wirkung, wie wir selbst, wenn wir einen Körper stoßen. Die Gottesvorstellung ist das Hineindeuten menschlicher Denk- und Handlungsweisen in die ganze Natur. Alle Erklärung ist also anthropomorphisch. Der Sperling kann den Storch nur vom Sperlingsstandpunkt aus beurteilen.


Audiovisuele weergave spreuk 25




Muziek
An den Mond - Franz Schubert

maandag 24 november 2014

Vrije val en botsing

Johann Wolfgang von Goethe                                                             Spreuk 24
                                                                    Uit hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Vrije val en botsing. Verscholen antropomorfisme is het eigenlijk om de beweging van hemellichamen daarmee te willen verklaren. Het is de manier van lopen van een wandelaar over een stuk land. De opgeheven voet zakt naar beneden, de achtergeblevene streeft voorwaarts en valt; en zo alsmaar door, van vertrek tot arriveren.


Fall und Stoß. Dadurch die Bewegung der Weltkörper erklären zu wollen, ist eigentlich ein versteckter Anthropomorphismus, es ist des Wanderers Gang über Feld. Der aufgehobene Fuß sinkt nieder, der zurückgebliebene strebt vorwärts und fällt; und immer so fort, vom Ausgehen bis zum Ankommen.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                   bij spreuk 23 tot en met 26



Alle verklaring van de natuur berust daarop, dat wat de mens aan zichzelf ervaart in de voorwerpen wordt gelegd. Zelfs de eenvoudigste verschijnselen worden langs die weg verklaard. Als wij de botsing van twee lichamen uitleggen, dan gebeurt dat zo dat wij ons voorstellen dat het ene lichaam op het andere net zo’n werking uitoefent, zoals wij dat doen als wij tegen een lichaam aanstoten. Godsvoorstelling is menselijke denk- en handelswijzen naar de totale natuur verplaatsen. Antropomorfisch is dus alle uitleg. De mus kan de ooievaar slechts vanuit de zienswijze van een mus beoordelen.


Alle Erklärung der Natur besteht darin, daß Erfahrungen, die der Mensch an sich selbst macht, in den Gegenstand hineingedeutet werden. Selbst die einfachsten Erscheinungen werden auf diese Weise erklärt. Wenn wir den Stoß zweier Körper erklären, so geschieht das dadurch, daß wir uns vorstellen, der eine Körper übe auf den andern eine ähnliche Wirkung, wie wir selbst, wenn wir einen Körper stoßen. Die Gottesvorstellung ist das Hineindeuten menschlicher Denk- und Handlungsweisen in die ganze Natur. Alle Erklärung ist also anthropomorphisch. Der Sperling kann den Storch nur vom Sperlingsstandpunkt aus beurteilen.


Audiovisuele weergave spreuk 23




Muziek
Die Bekehrte - Hugo Wolf
Gedicht
Die Bekehrte - Johann Wolfgang von Goethe

zondag 23 november 2014

Antropomorfisme inherent aan menselijke natuur

Johann Wolfgang von Goethe                                                              Spreuk 23
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Nimmer begrijpt de mens hoe antropomorfisch hij is.


Der Mensch begreift niemals, wie anthropomorphisch er ist.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                  bij spreuk 23 tot en met 26



Alle verklaring van de natuur berust daarop, dat wat de mens aan zichzelf ervaart in de voorwerpen wordt gelegd. Zelfs de eenvoudigste verschijnselen worden langs die weg verklaard. Als wij de botsing van twee lichamen uitleggen, dan gebeurt dat zo dat wij ons voorstellen dat het ene lichaam op het andere net zo’n werking uitoefent, zoals wij dat doen als wij tegen een lichaam aanstoten. Godsvoorstelling is menselijke denk- en handelswijzen naar de totale natuur verplaatsen. Antropomorfisch is dus alle uitleg. De mus kan de ooievaar slechts vanuit de zienswijze van een mus beoordelen.


Alle Erklärung der Natur besteht darin, daß Erfahrungen, die der Mensch an sich selbst macht, in den Gegenstand hineingedeutet werden. Selbst die einfachsten Erscheinungen werden auf diese Weise erklärt. Wenn wir den Stoß zweier Körper erklären, so geschieht das dadurch, daß wir uns vorstellen, der eine Körper übe auf den andern eine ähnliche Wirkung, wie wir selbst, wenn wir einen Körper stoßen. Die Gottesvorstellung ist das Hineindeuten menschlicher Denk- und Handlungsweisen in die ganze Natur. Alle Erklärung ist also anthropomorphisch. Der Sperling kann den Storch nur vom Sperlingsstandpunkt aus beurteilen.


Audiovisuele weergave spreuk 23




Muziek
Frech und Froh - Hugo Wolf
Gedicht
Frech und Froh - Johann Wolfgang von Goethe

zaterdag 22 november 2014

Wie of wat spreekt zich uit?

Johann Wolfgang von Goethe                                                              Spreuk 22
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Bij beschouwing van de natuur zowel in het groot als in het klein, heb ik onophoudelijk de vraag gesteld: is het het voorwerp of ben jij het, die zich hier uitspreekt? En in die zin bekeek ik ook voorgangers en medewerkers.


Bei Betrachtung der Natur im Großen wie im Kleinen hab’ ich unausgesetzt die Frage gestellt: Ist es der Gegenstand oder bist du es, der sich hier ausspricht? Und in diesem Sinne betrachtete ich auch Vorgänger und Mitarbeiter.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                                        bij spreuk 22



Deze vraag moet met het oog op de in spreuk 21 vervatte waarheid gesteld worden.


Diese Frage muß im Hinblick auf die in Nr. 21 enthaltene Wahrheit gestellt werden.


Audiovisuele weergave spreuk 22




Muziek
Ganymed - Franz Schubert
Gedicht
Ganymed - Johann Wolfgang von Goethe

vrijdag 21 november 2014

Gelijke onderkent gelijke

Johann Wolfgang von Goethe                                                              Spreuk 21
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Alles gelegen in het subject, zit in het object en nog iets meer. Alles wat in het object zit, zit in het subject en nog iets meer. Op dubbele wijze zijn wij verloren en gered. Gevolg geven aan de gerechtigde aanspraak op het surplus van het object en van ons subjectieve overschot afstand doen. Het subject met zijn surplus op een hoger plan brengen en dat overschot niet billijken.


Alles was im Subjekt ist, ist im Objekt und noch etwas mehr. Alles was im Objekt ist, ist im Subjekt und noch etwas mehr. Wir sind auf doppelte Weise verloren und geborgen. Dem Objekt sein Mehr zuzugestehen und auf unser subjektives Mehr zu verzichten. Das Subjekt mit seinem Mehr zu erhöhen und jenes Mehr nicht anerkennen.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                                        Bij spreuk 21



Eén van de basisovertuigingen van Goethe is, dat de objectieve natuur en de subjectieve persoonlijkheid van de mens met elkaar overeenstemmen. Daarmee sluit hij aan bij de oud Griekse filosofische opvatting, dat het gelijke alleen door het gelijke wordt onderkend. Vergelijk boekdeel 35, bladzijde 88 [inleiding van «Entwurf einer Farbenlehre»]: “Hierbij herinneren wij ons aan de oude Ionische school, welke met zoveel betekenis altijd herhaalde, alleen door het gelijke wordt het gelijke onderkend.” Het overschot van het subject tegenover het object, zoals omgekeerd het overschot van het object tegenover het subject, maakt het noodzakelijk dat de mens zich bewust is van de subjectieve oorsprong van zijn inzicht, dat hij zijn verhouding tot zichzelf en de buitenwereld kent.


Es ist eine der Grundüberzeugungen Goethes, daß die objektive Natur und die subjektive Persönlichkeit des Menschen einander entsprechen. Er steht damit auf dem Boden der alten griechischen Philosophie, daß Gleiches nur von Gleichem erkannt werde. Vgl. Bd. 35, S. 88 [«Entwurf einer Farbenlehre», Einleitung]: «Hiebei erinnern wir uns der alten ionischen Schule, welche mit so großer Bedeutsamkeit immer wiederholte, nur von Gleichem werde Gleiches er-kannt.» Das Mehr des Subjekts gegenüber dem Objekt wie umgekehrt das Mehr des Objekts gegenüber dem Subjekt macht es notwendig, daß sich der Mensch des subjektiven Ursprungs seiner Erkenntnis bewußt sei, daß er sein Verhältnis zu sich und zur Außenwelt kenne.


Audiovisuele weergave spreuk 21




Muziek
Auf dem See - Wilhelm Furtwängler

donderdag 20 november 2014

Uitgangspunt bij menselijke waarheden

Johann Wolfgang von Goethe                                                              Spreuk 20
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Onderwijs mij waar ik sta!
Archimedes.
Neem tot je, alwaar jij staat!
Nose.
Spreek zeker uit, waar jij staat!
G.


Gib mir, wo ich stehe!
Archimedes.
Nimm dir, wo du stehest!
Nose.
Behaupte, wo du stehst!
G.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                                        bij spreuk 20



Alleen binnen en niet buiten de mens kan het uitgangspunt voor menselijke waarheden worden gezocht. Zich tot middelpunt van de wereld maken en alle dingen op zichzelf betrekken is Goethe's hoofdbeginsel. Nose heeft in 1820 het geschrift "Historische Symbole, die Basaltgenese betreffend" uitgegeven.


Der Ausgangspunkt für menschliche Wahrheiten kann nicht außerhalb, sondern nur innerhalb des Menschen gesucht werden. Sich in den Mittelpunkt der Welt stellen und alle Dinge auf sich beziehen, ist Goethes Maxime. Nose hat im Jahre 1820 die Schrift «Historische Symbole, die Basaltgenese betreffend» herausgegeben.


Audiovisuele weergave spreuk 20




Muziek
Faust Fantasy - Henryk Wieniawski

woensdag 19 november 2014

Menselijke voorstellingswijze en menselijke waarheid

Johann Wolfgang von Goethe                                                              Spreuk 19
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Altijd enkel onze ogen, onze manier van voorstellen is het, de natuur weet geheel zonder hulp, wat ze wil, wat ze heeft gewild.


Es sind immer nur unsere Augen, unsere Vorstellungsarten, die Natur weiß ganz allein, was sie will, was sie gewollt hat.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                                        bij spreuk 19



Aanvaarding van deze waarheid is hoognodig, als men zijn verhouding tot zichzelf en tot de omringende werkelijkheid wil begrijpen. Zo waar als het is, dat de menselijke waarheden voorzien in de menselijke behoeften, is het net zo waar, dat de menselijke kennis afhankelijk is van het gestel van de mens. Daarom heeft het geen zin om over iets anders als van menselijke waarheid te spreken.


Die Anerkennung dieser Wahrheit ist notwendig, wenn man sein Verhältnis zu sich selbst und zur Außenwelt verstehen will. So richtig es ist, daß die menschlichen Wahrheiten ausreichen für die menschlichen Bedürfnisse, ebenso richtig ist es, daß die menschliche Erkenntnis durch die menschliche Organisation bedingt ist. Deshalb hat es keinen Sinn, von einer andern als einer menschlichen Wahrheit zu sprechen.


Audiovisuele weergave spreuk 19




Muziek
Faust et Hélène - Lili Boulanger

dinsdag 18 november 2014

Ja en nee uit mond van de natuur

Johann Wolfgang von Goethe                                                              Spreuk 18
                                                                          Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



De natuur verstomt bij marteling; haar trouwe antwoord op eerlijke vragen is: Ja!, ja! Nee!, nee! , de rest is uit den boze.


Die Natur verstummt auf der Folter; ihre treue Antwort auf redliche Frage ist: Ja! ja! Nein! nein! alles Übrige ist vom Übel.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                                        bij spreuk 18



De natuur onthult zich het best aan het zuiver verstandelijk begrijpen, niet aan kunstmatige instrumenten, die vergeleken met haar werken als foltering.
Vergelijk Faust: "Wat zij (de natuur) jouw geest niet onthullen mag, dat dwing jij haar niet af met hefbomen en schroeven."


(Hoger dan iets anders in de reeks van natuurverschijnselen staat het proces, welke zich direct in het fysieke en psychische organisme van mensen afspeelt, wanneer de dingen de gebeurtenissen van de natuur op hem inwerken. Kunstmatige instrumenten kunnen de kennis weliswaar ondersteunen; hun resultaat heeft echter een kenniswaarde die geringer is dan de werking van de voorwerpen op de menselijke organen en op de menselijk geest zelf. Het beeld dat met het oog wordt geschetst, staat hoger dan dat wat door optische apparaten tot stand wordt gebracht.)


Die Natur offenbart sich am besten dem reinen Menschensinn, nicht den künstlichen In-strumenten, die ihr gegenüber wie eine Folter wirken. Vergleich Faust: «Was sie (die Natur) deinem Geist nicht offenbaren mag, das zwingst du ihr nicht ab mit Hebeln und mit Schrauben.»

(Höher als irgend etwas anderes in der Reihe der Naturvorgänge steht der Prozeß, der sich unmittelbar im physischen und psychischen Organismus des Menschen abspielt, wenn die Dinge und Ereignisse der Natur auf ihn einwirken. Künstliche Instrumente können die Erkenntnis zwar unterstützen; ihr Ergebnis hat aber einen Erkenntniswert, der geringer ist als die Wirkung der Gegenstände auf die menschlichen Organe und den menschlichen Geist selbst. Das Bild, das durch das Auge entworfen wird, steht höher als das, welches durch optische Apparate bewirkt wird.)


Audiovisuele weergave spreuk 18




Muziek
Entreactes und Gesänge zu Goethes Faust - Franz Carl Adelbert Eberwein

maandag 17 november 2014

Verstand en hulpmiddelen

Johann Wolfgang von Goethe                                                             Spreuk 17
                                                                         Hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Microscopen en verrekijkers brengen het zuiver verstandelijk begrijpen eigenlijk in de war.


Mikroskope und Fernröhre verwirren eigentlich den reinen Menschensinn. 



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                   bij spreuk 13 tot en met 18



Hoger dan iets anders in de reeks van natuurverschijnselen staat het proces, welke zich direct in het fysieke en psychische organisme van mensen afspeelt, wanneer de dingen de gebeurtenissen van de natuur op hem inwerken. Kunstmatige instrumenten kunnen de kennis weliswaar ondersteunen; hun resultaat heeft echter een kenniswaarde die geringer is dan de werking van de voorwerpen op de menselijke organen en op de menselijk geest zelf. Het beeld dat met het oog wordt geschetst, staat hoger dan dat wat door optische apparaten tot stand wordt gebracht.


Höher als irgend etwas anderes in der Reihe der Naturvorgänge steht der Prozeß, der sich unmittelbar im physischen und psychischen Organismus des Menschen abspielt, wenn die Dinge und Ereignisse der Natur auf ihn einwirken. Künstliche Instrumente können die Erkenntnis zwar unterstützen; ihr Ergebnis hat aber einen Erkenntniswert, der geringer ist als die Wirkung der Gegenstände auf die menschlichen Organe und den menschlichen Geist selbst. Das Bild, das durch das Auge entworfen wird, steht höher als das, welches durch optische Apparate bewirkt wird.


Audiovisuele weergave spreuk 17




Muziek
Branders Lied - Richard Wagner

zondag 16 november 2014

Vrije focus

Johann Wolfgang von Goethe                                                              Spreuk 16
                                                                     Uit hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Veel zouden wij echt werkelijk beter kennen, als we het niet te precies wilden zien. Een voorwerp wordt ons toch maar onder een hoek van 45 graden pas begrijpelijk.


Wir würden gar vieles besser kennen, wenn wir es nicht zu genau erkennen wollten. Wird uns doch ein Gegenstand unter einem Winkel von fünfundvierzig Graden erst faßlich.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                   bij spreuk 13 tot en met 18



Hoger dan iets anders in de reeks van natuurverschijnselen staat het proces, welke zich direct in het fysieke en psychische organisme van de mens afspeelt, wanneer de dingen de gebeurtenissen van de natuur op hem inwerken. Kunstmatige instrumenten kunnen de kennis weliswaar ondersteunen; hun resultaat heeft echter een kenniswaarde die geringer is dan de werking van de voorwerpen op de menselijke organen en op de menselijk geest zelf. Het beeld dat met het oog wordt geschetst, staat hoger dan dat wat door optische apparaten tot stand wordt gebracht.


Höher als irgend etwas anderes in der Reihe der Naturvorgänge steht der Prozeß, der sich unmittelbar im physischen und psychischen Organismus des Menschen abspielt, wenn die Dinge und Ereignisse der Natur auf ihn einwirken. Künstliche Instrumente können die Erkenntnis zwar unterstützen; ihr Ergebnis hat aber einen Erkenntniswert, der geringer ist als die Wirkung der Gegenstände auf die menschlichen Organe und den menschlichen Geist selbst. Das Bild, das durch das Auge entworfen wird, steht höher als das, welches durch optische Apparate bewirkt wird.


Audiovisuele weergave spreuk 16




Muziek
Bauer unter Linden - Richard Wagner

zaterdag 15 november 2014

Het onbeschrijfbare beschrijven

Johann Wolfgang von Goethe                                                             Spreuk 15
                                                                    Uit hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Nog eens, om die reden is de mens zo hoogstaand, omdat het anders onbeschrijfbare zich in hem beschrijft. Wat is dan een snaar en alle mechanische verdeling ervan aan het oor van de musicus? Men kan zeggen, wat zijn de elementaire verschijnselen van de natuur zelf tegenover de mens, die ze alle eerst overmeesteren en wijzigen moet om ze enigszins te kunnen aanpassen aan zichzelf.


Dafür steht ja aber der Mensch so hoch, daß sich das sonst Undarstellbare in ihm darstellt. Was ist denn eine Saite und alle mechanische Teilung derselben gegen das Ohr des Musikers? Ja man kann sagen, was sind die elementarischen Erscheinungen der Natur selbst gegen den Menschen, der sie alle erst bändigen und modifizieren muß, um sie sich einigermaßen assimilieren zu können?



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                               bij spreuken 13 tot en met 18



Hoger dan iets anders in de reeks van natuurverschijnselen staat het proces, welke zich direct in het fysieke en psychische organisme van de mens afspeelt, wanneer de dingen de gebeurtenissen van de natuur op hem inwerken. Kunstmatige instrumenten kunnen de kennis weliswaar ondersteunen; hun resultaat heeft echter een kenniswaarde die geringer is dan de werking van de voorwerpen op de menselijke organen en op de menselijk geest zelf. Het beeld dat met het oog wordt geschetst, staat hoger dan dat wat door optische apparaten tot stand wordt gebracht.


Höher als irgend etwas anderes in der Reihe der Naturvorgänge steht der Prozeß, der sich unmittelbar im physischen und psychischen Organismus des Menschen abspielt, wenn die Dinge und Ereignisse der Natur auf ihn einwirken. Künstliche Instrumente können die Erkenntnis zwar unterstützen; ihr Ergebnis hat aber einen Erkenntniswert, der geringer ist als die Wirkung der Gegenstände auf die menschlichen Organe und den menschlichen Geist selbst. Das Bild, das durch das Auge entworfen wird, steht höher als das, welches durch optische Apparate bewirkt wird.


Audiovisuele weergave spreuk 15




Muziek
Faust Lieder - Lied der Soldaten - Richard Wagner

vrijdag 14 november 2014

Berekening en experiment

Johann Wolfgang von Goethe                                                             Spreuk 14
                                                                      Uit hoofstuk 1: Het onderscheiden



Zo is het ook met het berekenen. Veel is er waar, wat zich niet berekenen laat, zoals er zeer veel is wat niet in een doorslaggevend experiment tot uitdrukking kan komen.


Ebenso ist es mit dem Berechnen. Es ist vieles wahr, was sich nicht berechnen läßt, sowie sehr vieles, was sich nicht bis zum entschiedenen Experiment bringen läßt.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                   bij spreuk 13 tot en met 18



Hoger dan iets anders in de reeks van natuurverschijnselen staat het proces, welke zich direct in het fysieke en psychische organisme van de mens afspeelt, wanneer de dingen de gebeurtenissen van de natuur op hem inwerken. Kunstmatige instrumenten kunnen de kennis weliswaar ondersteunen; hun resultaat heeft echter een kenniswaarde die geringer is dan de werking van de voorwerpen op de menselijke organen en op de menselijk geest zelf. Het beeld dat met het oog wordt geschetst, staat hoger dan dat wat door optische apparaten tot stand wordt gebracht.


Höher als irgend etwas anderes in der Reihe der Naturvorgänge steht der Prozeß, der sich unmittelbar im physischen und psychischen Organismus des Menschen abspielt, wenn die Dinge und Ereignisse der Natur auf ihn einwirken. Künstliche Instrumente können die Erkenntnis zwar unterstützen; ihr Ergebnis hat aber einen Erkenntniswert, der geringer ist als die Wirkung der Gegenstände auf die menschlichen Organe und den menschlichen Geist selbst. Das Bild, das durch das Auge entworfen wird, steht höher als das, welches durch optische Apparate bewirkt wird.


Audiovisuele weergave spreuk 14




Muziek
Der Rattenfänger - Hugo Wolf

donderdag 13 november 2014

Mens en moderne fysica

Johann Wolfgang von Goethe                                                              Spreuk 13
                                                                     Uit hoofdstuk 1: Het onderscheiden



Op zichzelf is de mens, in zoverre hij zich van zijn gezonde zintuigen bedient, het grootste en meest precieze fysische apparaat dat er bestaan kan, en dat is juist het grootste ongeluk van de moderne fysica, dat men de experimenten als het ware van mensen heeft gescheiden, en enkel in dat wat kunstmatige instrumenten tonen de natuur onderscheiden, ja wat ze presteren kan om die reden beperken en bewijzen wil.


Der Mensch an sich selbst, insofern er sich seiner gesunden Sinne bedient, ist der größte und genaueste physikalische Apparat, den es geben kann, und das ist eben das größte Unheil der neuern Physik, daß man die Experimente  gleichsam vom Menschen abgesondert hat, und bloß in dem, was künstliche  Instrumente zeigen, die Natur erkennen, ja was sie leisten kann, dadurch  beschränken und beweisen will.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                               bij spreuken 13 tot en met 18



Hoger dan iets anders in de reeks van natuurverschijnselen staat het proces, welke zich direct in het fysieke en psychische organisme van de mens afspeelt, wanneer de dingen de gebeurtenissen van de natuur op hem inwerken. Kunstmatige instrumenten kunnen de kennis weliswaar ondersteunen; hun resultaat heeft echter een kenniswaarde die geringer is dan de werking van de voorwerpen op de menselijke organen en op de menselijk geest zelf. Het beeld dat met het oog wordt geschetst, staat hoger dan dat wat door optische apparaten tot stand wordt gebracht.


Höher als irgend etwas anderes in der Reihe der Naturvorgänge steht der Prozeß, der sich unmittelbar im physischen und psychischen Organismus des Menschen abspielt, wenn die Dinge und Ereignisse der Natur auf ihn einwirken. Künstliche Instrumente können die Erkenntnis zwar unterstützen; ihr Ergebnis hat aber einen Erkenntniswert, der geringer ist als die Wirkung der Gegenstände auf die menschlichen Organe und den menschlichen Geist selbst. Das Bild, das durch das Auge entworfen wird, steht höher als das, welches durch optische Apparate bewirkt wird.


Audiovisuele weergave spreuk 13




Muziek
Goethe-Lieder - Ferruccio Busoni

woensdag 12 november 2014

Tolk van het verstand

Johann Wolfgang von Goethe                                                             Spreuk 12
                                                                    Uit hoofdstuk 1: Het onderscheiden


Anaxagoras doceert dat alle dieren een actief verstand hebben, maar niet een ondervindende, die als het ware de tolk van het verstand is.


Anaxagoras lehrt, daß alle Tiere die tätige Vernunft haben, aber nicht die leidende, die gleichsam der Dolmetscher des Verstandes ist.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                           bij spreuken 11 en 12


Het dier neemt passief op wat de zintuigen hem bieden. De mens duidt de zintuiglijke verschijnselen en komt om die reden, boven de enkele waarneming uit, tot een verstandige opvatting omtrent de wereld. De geestelijke vermogens hebben om die reden hun uitwerking op de zintuiglijke ervaring en voeren deze tot het begrijpen van de wereld.


Das Tier nimmt passiv auf, was ihm die Sinne darbieten. Der Mensch deutet die Sinne-serscheinungen und geht dadurch, über die bloße Beobachtung, zu einer vernunftgemäßen Auf-fassung der Welt hinaus. Die Geisteskräfte wirken dadurch auf die Sinneserfahrung zurück und erziehen diese zur Erfassung der Welt.


Audiovisuele weergave spreuk 12




Muziek
Der König in Thule - Robert Schumann
Gedicht
Der König in Thule - Johann Wolfgang von Goethe

dinsdag 11 november 2014

Zintuiglijke ervaringen en geestelijke vermogens

Johann Wolfgang von Goethe                                                              Spreuk 11
                                                                     Uit hoofdstuk 1: Het onderscheiden


Het dier wordt door zijn organen onderwezen; de mens onderwijst de zijne en is ze meester.


Das Tier wird durch seine Organe belehrt; der Mensch belehrt die seinigen und beherrscht sie.



Rudolf Steiner                                                                                  Commentaar
                                                                                           bij spreuken 11 en 12


Het dier neemt passief op wat de zintuigen hem bieden. De mens duidt de zintuiglijke verschijnselen en komt om die reden, boven de enkele waarneming uit, tot een verstandige opvatting omtrent de wereld. De geestelijke vermogens hebben om die reden hun uitwerking op de zintuiglijke ervaring en voeren deze tot het begrijpen van de wereld.


Das Tier nimmt passiv auf, was ihm die Sinne darbieten. Der Mensch deutet die Sinneserscheinungen und geht dadurch, über die bloße Beobachtung, zu einer vernunftgemäßen Auf-fassung der Welt hinaus. Die Geisteskräfte wirken dadurch auf die Sinneserfahrung zurück und erziehen diese zur Erfassung der Welt.


Audiovisuele weergave spreuk 11




Muziek
Meeresstille und glückliche Fahrt - Ludwig van Beethoven
Gedicht
Meeresstille und glückliche Fahrt - Johann Wolfgang von Goethe

Overzicht van alle blogberichten op Sprüche in Prosa

2015

Spreuk 158 – Levende eenheid – 14 mei 2015

Spreuk 157 – Heuristiek – 12 mei 2015

Spreuk 156 – Illusoire inkapseling – 7 mei 2015

Spreuk 155 – Verstommen – 4 mei 2015

Spreuk 154 – Skelet en eeuwige rede – 2 mei 2015

Spreuk 153 – Geognosie en verbeeldingskracht - 30 april 2015

Spreuk 152 – Creatief omwerken – 28 april 2015

Spreuk 151 – Onderscheiden van rede en verstand – 25 april 2015

Spreuk 150 – Algemene oorzaken – 18 april 2015

Spreuk 149 – Eenvoud – 16 april 2015

Spreuk 148 – Ondeelbaar fenomeen – 15 april 2015

Spreuk 147 – Geschiedkundige methode – 13 april 2015

Spreuk 146 – Mechaniseren – 12 april 2015

Spreuk 145 – Tezamen gedacht – 11 april 2015

Spreuk 144 – Symptoom en kwaal – 9 april 2015

Spreuk 143 – Werking en oorzaak – 8 april 2015

Spreuk 142 – Nadelen bij vragen over oorzakelijkheid – 6 april 2015

Spreuk 141 – Causaliteitsdenken – 5 april 2015

Spreuk 140 - Nabijgelegen fenomenen en hardleersheid – 4 april 2015

Spreuk 139 – Fenomenen gewaarworden – 3 april 2015

Spreuk 138 – Mensheidsformaat of kleingeestigheid – 2 april 2015

Spreuk 137 – Oerfenomenen en angst – 31 maart 2015

Spreuk 136 – Karakteristieke oerfenomenen – 30 maart 2015

Spreuk 135 – Kernvraagstukken – 29 maart 2015

Spreuk 134 – Oorspronkelijke condities – 28 maart 2015

Spreuk 133 – Voortgang onderzoek – 23 maart 2015

Spreuk 132 – Elementaire ervaringen – 22 maart 2015

Spreuk 131 – Beroep doen op metafysica – 21 maart 2015

Spreuk 130 – Metafysica van de verschijnselen – 20 maart 2015

Spreuk 129 – Bestaan – 19 maart 2015

Spreuk 128 – Betrekkelijk en toch absoluut – 18 maart 2015

Spreuk 127 – De natuur en het bijzondere en het algemene – 17 maart 2015

Spreuk 126 – Ware symboliek – 16 maart 2015

Spreuk 125 – Bijzonder algemeen – 15 maart 2015

Spreuk 124 – Geldige algemeenheid – 14 maart 2015

Spreuk 123 – Trefzeker – 13 maart 2015

Spreuk 122 – Operationeel waarheidsgevoel – 12 maart 2015

Spreuk 121 – Waarde van fenomenen – 11 maart 215

Spreuk 120 – Experiment – 10 maart 2015

Spreuk 119 – Uitvindingen en ontdekkingen – 9 maart 2015

Spreuk 118 – Principe van de kleurschakering – 8 maart 2015

Spreuk 117 – Werkende beginselen – 25 februari 2015

Spreuk 116 – Deelverklaring – 24 februari 2015

Spreuk 115 – Van weten naar wetenschap – 23 februari 2015

Spreuk 114 – Groeiende twijfel – 22 februari 2015

Spreuk 113 – Waarachtig en leugenachtig – 21 februari 2015

Spreuk 112 – Wetenschappelijke zekerheid – 20 februari 2015

Spreuk 111 – Spinozisme versus machiavellisme – 19 februari 2015

Spreuk 110 – Enthousiast overdenken – 18 februari 2015

Spreuk 109 – Consequenties – 17 februari 2015

Spreuk 108 – Praktijk en mensenverstand – 16 februari 2015

Spreuk 107 – Filosofie en mensenverstand – 15 februari 2015

Spreuk 106 – Kritiek van het mensenverstand – 14 februari 2015

Spreuk 105 – Algemeen verstand – 13 februari 2015

Spreuk 104 – Genius – 12 februari 2015

Spreuk 103 – Markant – 11 februari 2015

Spreuk 102 – Onderscheid en verstand – 10 februari 2015

Spreuk 101 – Uit elkaar houden en invoegen – 9 februari 2015

Spreuk 100 – Poëzie van het genie – 8 februari 2015

Spreuk 99 – Uiterlijk en innerlijk – 7 februari 2015

Spreuk 98 – Gewoon bekijken en zuiver aanschouwen – 6 februari 2015

Spreuk 97 – Zuiver opvatten en recht doen – 5 februari 2015

Spreuk 96 – Vruchtbare beschouwingswijze – 4 februari 2015

Spreuk 95 – Geen mythologie en legenden in de wetenschap – 3 februari 2015

Spreuk 94 – Twee klippen – 2 februari 2015

Spreuk 93 – Niet op slot gooien – 1 februari 2015

Spreuk 92 – Analogie met goed gezelschap – 31 januari 2015

Spreuk 91 – Inductie – 30 januari 2015

Spreuk 90 – Voortschrijden – 29 januari 2015

Spreuk 89 – Axioma enthymeem – 28 januari 2015

Spreuk 88 – Ongeluk – 27 januari 2015

Spreuk 87 – Herleiden en relateren – 26 januari 2015

Spreuk 86 – Eenvoud – 25 januari 2015

Spreuk 85 – Strategie – 24 januari 2015

Spreuk 84 – Probleem onderkennen – 23 januari 2015

Spreuk 83 – Miniaturen – 22 januari 2015

Spreuk 82 – Leemten – 21 januari 2015

Spreuk 81 – Afstemmen – 20 januari 2015

Spreuk 80 – Zekere koers met open blik – 19 januari 2015

Spreuk 79 – Bekopen en losraken – 18 januari 2015

Spreuk 78 – Feedback – 17 januari 2015

Spreuk 77 – Diepgang – 16 januari 2015

Spreuk 76 – Gelijke bron – 15 januari 2015

Spreuk 75 – Speelruimte voor vergissingen – 14 januari 2015

Spreuk 74 – Onwillig mopperen – 13 januari 2015

Spreuk 73 – Direct benutten – 12 januari 2015

Spreuk 72 – Voortreffelijkheid – 11 januari 2015

Spreuk 71 – Ware wijsheid – 10 januari 2015

Spreuk 70 – Wakker ontwaken – 9 januari 2015

Spreuk 69 – Achterhalen – 8 januari 2015

Spreuk 68 – Bestendigen – 7 januari 2015

Spreuk 67 – Aanmatiging matigen – 6 januari 2015

Spreuk 66 – Geholpen worden of verward raken – 5 januari 2015

Spreuk 65 – Binnensluipen en afweren – 4 januari 2015

Spreuk 64 – Onjuiste voorstelling van zaken – 3 januari 2015

Spreuk 63 – Vasthouden of loslaten – 2 januari 2015

Spreuk 62 – Goede voornemens – 1 januari 2015

2014

Spreuk 61 – Geen idee – 31 december 2014

Spreuk 60 - Realiteitszin, aannamen en hersenschimmen – 30 december 2014

Spreuk 59 – Guitig opgestelde hypothesen – 29 december 2014

Spreuk 58 – Rijzende problemen – 28 december 2014

Spreuk 57 – Hypothesen als loopplanken – 27 december 2014

Spreuk 56 – Wirwar – 26 december 2014

Spreuk 55 - Vitterige waarnemers en grillige theoretici – 25 december 2014

Spreuk 54 – Abstraheren en concretiseren – 24 december 2014

Spreuk 53 – Nut van theorieën – 23 december 2014

Spreuk 52 – Nietszeggende gemiddelden – 22 december 2014

Spreuk 51 – Zuivere ervaring – 21 december 2014

Spreuk 50 – Productieve kracht laten gelden – 20 december 2014

Spreuk 49 – Onverloochenbaar – 19 december 2014

Spreuk 48 – Eigenheid – 18 december 2014

Spreuk 47 – Januskop – 17 december 2014

Spreuk 46 – Dialectiek – 16 december 2014

Spreuk 45 – Terminologie in verhouding tot fenomenen – 15 december 2014

Spreuk 44 – In het oog vatten en doordenken – 14 december 2014

Spreuk 43 – Taalworstelingen – 13 december 2014

Spreuk 42 – Bemoeienis – 12 december 2014

Spreuk 41 – Zelfeducatie en ondersteuning – 11 december 2014

Spreuk 40 – Transparantie – 10 december 2014

Spreuk 39 – Maximes helder bezien – 9 december 2014

Spreuk 38 – Omstreden raken – 8 december 2014

Spreuk 37 – Zwart op wit – 7 december 2014

Spreuk 36 - Gehoorbereik – 6 december 2014

Spreuk 35 – Onbegrip 5 december 2014

Spreuk 34 – Vermeend weerleggen – 4 december 2014

Spreuk 33 – Gezindheden – 3 december 2014

Spreuk 32 – Leer van Newton – 2 december 2014

Spreuk 31 – Onenigheid en problemen – 1 december 2014

Spreuk 30 – Gekante meningen – 30 november 2014

Spreuk 29 – Probleemstelling en twistappels – 29 november 2014

Spreuk 28 – Stokken en stilstaan – 28 november 2014

Spreuk 27 – Verstaanbaarheid – 27 november 2014

Spreuk 26 – Inlevingsvermogen – 26 november 2014

Spreuk 25 – Glad ijs – 25 november 2014

Spreuk 24 – Vrije val en botsing – 24 november 2014

Spreuk 23 – Antropomorfisme inherent aan menselijke natuur – 23 november 2014

Spreuk 22 – Wie of wat spreekt zich uit? – 22 november 2014

Spreuk 21 – Gelijke onderkent gelijke – 21 november 2014

Spreuk 20 – Uitgangspunt bij menselijke waarheden – 20 november 2014

Spreuk 19 – Menselijke voorstellingswijze en menselijke waarheid – 19 november 2014

Spreuk 18 – Ja en nee uit de mond van de natuur – 18 november 2014

Spreuk 17 – Verstand en hulpmiddelen – 17 november 2014

Spreuk 16 – Vrije focus – 16 november 2014

Spreuk 15 – Het onbeschrijfbare beschrijven – 15 november 2014

Spreuk 14 – Berekening en experiment – 14 november 2014

Spreuk 13 – Mens en moderne fysica – 13 november 2014

Spreuk 12 – Tolk van het verstand – 12 november 2014

Spreuk 11 – Zintuiglijke ervaringen en geestelijke vermogens – 11 november 2014

Spreuk 10 – Perspectivische wetten – 10 november 2014

Spreuk 9 – Blikrichting en corresponderende hoek – 9 november 2014

Spreuk 8 – Verschilzicht en positieverandering – 8 november 2014

Spreuk 7 – Gezichtsvermogen – 7 november 2014

Spreuk 6 – Vergelijken – 6 november 2014

Spreuk 5 – Aan- en indachtigheid – 5 november 2014

Spreuk 4 – Bedrieglijk oordeel – 4 november 2014

Spreuk 3 – Betrouwbare zintuigen – 3 november 2014

Spreuk 2 – Menselijke wijsheid – 2 november 2014

Spreuk 1 - Kenverhoudingen - 1 november 2014

Inleiding en verantwoording van Rudolf Steiner – 1 november 2014

Introductie en verantwoording – 1 november 2014